--- ---

Recordbedrag aan dividenden
Het is mei en dat betekent dat het dividendseizoen weer begonnen is. De meeste beursgenoteerde bedrijven geven hun aandeelhouders deze maand een dividenduitkering, te betalen uit de winst over het voorgaande jaar. Een toename van de winst resulteert over het algemeen ook in een groeiend dividend. Vandaar dat het Financieel Dagblad op 1 april van dit jaar kopte: ‘Winstexplosie Damrak-bedrijven resulteert in record aan dividend.’ De krant heeft berekend dat in 2019 door de 50 grootste bedrijven bijna 33 miljard euro aan dividend uitgekeerd zal worden. Is dat belangrijk? Sommige beleggers vinden van niet. ‘Dividend is een sigaar uit eigen doos’, is een veelgehoorde uitspraak. Feitelijk is dit juist. Het dividend gaat op de ex-dividend datum van de koers af, en wordt vervolgens enige tijd later aan de aandeelhouders uitbetaald. Je schiet er als aandeelhouder in eerste opzicht niets mee op. Maar waarom is er dan zo vaak een teleurgestelde reactie van beleggers als een bedrijf het dividend verlaagt? Of in sommige gevallen helemaal overslaat?

Vertrouwensindicator
Het dividend moet groeien. Liefst ieder jaar, en liefst een beetje regelmatig. Dit heeft alles te maken met de signaalfunctie van dividenden. Een groeiend dividend is vaak niet alleen een teken van winstgroei over het afgelopen jaar, maar ook van vertrouwen bij het management dat de winst ook in het komende jaar verder zal kunnen groeien. Het is een vertrouwensindicator, en daar is het om te doen. Het omgekeerde geldt ook: Als het vertrouwen ontbreekt bij het management, zullen ze een dividendverhoging wel uit hun hoofd laten. Onderstaande grafiek laat zien dat beleggen in groeiende dividenden loont. In de periode van 1972 tot en met 2018 was het gemiddeld rendement op aandelen die dividend uitkeren in de Verenigde Staten zo’n 9% per jaar (donkerblauwe lijn). Het rendement op aandelen die geen dividend uitkeren was veel lager (oranje lijn). Het beste resultaat wordt behaald door structureel te kiezen voor dividendgroeiers (lichtblauwe lijn).

‘Pay out’-ratio
Voor mij is niet alleen de hoogte van het dividend van belang. Het is ook belangrijk dat er een duidelijke dividendstrategie geformuleerd is. Dus helpt het als het management in bijvoorbeeld het jaarverslag expliciet op papier zet wat de doelstelling is voor wat betreft het dividend. Vaak is de dividenddoelstelling een percentage van de winst (ook wel de pay out-ratio genoemd). Soms is aangegeven dat het management het dividend ieder jaar wil laten groeien. In dat geval wordt er vaak voor het uitkeringspercentage van de winst een range gegeven. Zodoende kan het management in een jaar met een iets lagere winst nog steeds zorgen voor een lichte stijging van het dividend. Zij kan dat doen door het uitkeringspercentage aan de bovenkant van de range vast te stellen. Maar dat zal in principe alleen gebeuren als er voldoende vertrouwen is dat de winst volgend jaar weer zal stijgen.

Stockdividend
Verder is het belangrijk dat het dividend contant uitgekeerd wordt, en niet in nieuwe aandelen (ook wel stockdividend genoemd). Over dit laatste punt heb ik in het verleden regelmatig flinke discussies gevoerd met het management van bedrijven die een voorkeur hebben voor een dividend in nieuwe aandelen. De voorkeur van het management voor een dividend in nieuwe aandelen is te begrijpen wanneer een bedrijf liquiditeitsproblemen heeft of verwacht. Het kost ze immers geen liquide middelen. Maar voor de belegger betekenen al die nieuwe aandelen dat de winst per aandeel van bestaande aandelen omlaag gaat. Zeer als het niet om een eenmalige actie gaat, maar stockdividend een jaarlijks terugkerend fenomeen begint te worden. Een dividenduitkering in nieuwe aandelen is eigenlijk niets anders dan een aandelenuitgifte. En of je als belegger daar nu blij mee moet zijn? Ik vrees van niet.

Banco Santander
Als bedrijven meerdere keren per jaar met een aandelenuitgifte komen, reageren beleggers over het algemeen sterk negatief. Maar bedrijven die vier keer per jaar een stockdividend aankondigen, worden soms met gejuich onthaald. Sommige beleggers hebben een voorkeur voor stockdividend omdat er dan geen dividendbelasting betaald hoeft te worden. Tja, feitelijk betaalt het bedrijf ook helemaal niets uit! Je moet je als belegger afvragen of het bedrijf in zo’n geval wel in staat is om een dividend uit te betalen. En of het stockdividend niet een manier is om het gebrek aan ‘dividendcapaciteit’ te verbergen. Een goed voorbeeld van een bedrijf wat jarenlang zijn gebrek aan dividend generende capaciteit heeft weten te maskeren door de uitgifte van een stockdividend, is de Spaanse bank Santander. Deze bank heeft sinds de financiële crisis in 2009 vele jaren vier keer per jaar nieuwe aandelen uitgegeven. In de meeste historische databases staat echter dat Santander ieder jaar een zeer genereus dividend betaald heeft. Niets is minder waar. In plaats van contante dividendbetalingen is de hoeveelheid aandelen in al die jaren met zeker 50% gegroeid. En de winst per aandeel mede hierdoor navenant gedaald. Iets wat u zeker in de gaten moet houden in de zoektocht naar duurzame dividend aandelen!

Simon van Veen

Na zijn studie als financieel econoom aan de Vrije Universiteit in Amsterdam begon Simon bij Rabobank als belegger voor welgestelde particulieren. In 2000 maakte hij de overstap naar ABN AMRO waar hij als aandelenhandelaar aan de slag ging en vervolgens als beheerder van de bekende en succesvolle hoog dividend beleggingsfondsen. Op dit moment werkt Simon als belegger voor een family office en laat hij bij ProBeleggen zien hoe hij zijn eigen geld belegt in aandelen met een duurzaam dividend. Tevens is hij de manager van het Sustainable Dividends Value Fund.

Geef een reactie